Posts tonen met het label Roucourt. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Roucourt. Alle posts tonen

donderdag 9 januari 2014

Oudoom Joannes Roucourt (1636-1676) op Wikipedia.


Tijdens de tweede helft van 2013 is het Wikipedia artikel over 'oudoom' Joannes Roucourt geschreven, inclusief de vertaling van zijn eervolle overlijdensaankondiging uit het Latijn. Je kunt het hier lezen: https://...nl.wikipedia.org/wiki/Joannes_Roucourt

During the second half of 2013, a Wikipedia article describing the life of 'great-uncle' Joannes Roucourt has been published. It includes the translation of his honorable Latin death notice. You can read it here: https://en.wikipedia.org/wiki/Joannes_Roucourt

You may also like the family page at Facebook.

donderdag 24 januari 2013

Dierck van Royckoert, Leuven textile producer. Leonardus de Rocourt, Liège textile producer.

Documents have been retrieved further unravelling the roots of the Recourt family. Apparantly in 1639, Dierick van Roykcoert was sweared in as a "Poorter" allowing him to professionally become a textile producer in Leuven. This charter also states he was born in Halen and that his father was named Dierck. He therefore most likely is the oldest son of Dierick van Rockourt, second generation of the Recourt alias Roucourt family.















Transcription: Item in presentie der heere schepenen van Loven naerbeschreven gestaen Dierck van Royckoert soone Diercx geboren van Haelen laeckemaecker van sijnen stijl, is geworden innegeseten poirter deser stadt Loven, ende heeft daer toe gepresteert den behoirlijcken eedt… …..”, 1 sept. 1639

As already discussed previously, his grandfather Theodricus de Rocourt was a shoemaker in Hasselt and he deceased in 1583. Current results provide additional support that the origin of the family name lays in the Liège area, most likely Rocourt village. A number of putative family members could be retrieved at the Liège archieve being citizens of Liège. These include: (i) Lambertus de Rocourt and his wife Anne de Bernimollin (1580). This may have been the brother of Theodricus at Hasselt. (ii) Leonardus de Rocourt, textile producer at Liège and married to Marrie de Molin. Leonardus deceased at about 1581. Apparantly, he had the same profession as Dierck in Leuven, which may also point to a family relationship.

The next step will be searching for additional traces of Theodricus de Rocourt (Dierck) in the Hasselt archive.


Dierck van Royckoert, lakenmaker sinds 1639 te Leuven. Leonardus de Rocourt, lakenwever te Luik (tot 1580). 

Recentelijk zijn er wederom documenten achterhaald die betrekking hebben op de oorsprong van de familie Recourt alias Roucourt. Allereerst betreft het Dierck van Royckoert. De Leuvense schepenakte is hierboven weergegeven en vermeld dat Dierick op 1 sept. 1639  poorter van Leuven werd. Men noteert uitdrukkelijk dat hij in Halen geboren is. Hij is lakenmaker en zoon van Dierick. Theodoris van Roucoer is in februari 1635 te Leuven getrouwd met Joanna Verwijst op 7 juni 1636 krijgen zij één zoon Joannes Roucourt, die plebaan van de St. Goedele Kathedraal te Brussel is geworden. Ook op basis van testament gegevens, kunnen we vaststellen dat het de oudste zoon van Dierick van Rockourt uit Halen betreft.
Zoals eerder gevonden in het Rijksarchief van Luik, heette de vader van de Halense Dierick (Theodorus) van Rockourt zeer waarschijnlijk Theodricus de Rocourt. Hij was schoenmaker te Hasselt en na zijn overlijden in 1583, werd zijn broer Lambertus de Rocourt voogd van zijn drie-jarige zoon. In dezelfde Luikse archieftoegang is meer informatie over Lambertus de Rocourt gevonden: 

28  mei 1580: Lambertus de Rocourt echtgenoot van Anne de Bernimollin, is voogd van Wilhelmus (8 jaar) en Catharina (6 jaar), Maria en Antonius, kinderen van wijlen Joannes Thonnon de Bernimollin en Marie de Salme. Anne de Bernimollin is tante van de kinderen.

Er zijn meer mogelijke Luikse familieleden achterhaald waaronder Leonardus de Rocourt.

14 juni 1581: Clementia ( 4 jaar) en Gertrudis (2 jaar), kinderen van wijlen Leonardus de Rocourt "drapparij et cuus Leodien" (lakenwever, poorter van de stad Luik) en van Marie de Mollin. Voogden Joannes de Rocourt is gehuwd met de weduwe, en Egidius de Fleron is een bloedverwant van de moeder.

Het vergelijkbare beroep lakenwever/lakenmaker van Leonardus de Rocourt te Luik met Dierck van Royckoert uit Leuven is opvallend en wijst wellicht naar een familieverband.  Dit zal verder worden onderzocht, maar we beginnen met verdere sporen van Theodricus de Rocourt in het RA Hasselt. Hij is de waarschijnlijke verbinding tussen de nakomelingen in Halen/Leuven/Diest/Dordrecht en de voorvaderen uit Luik.

Nu, terugkijkend naar de namen van de eerste DTB generatie -kinderen van Anna Stas, Maria Claes & Theodorus van Rockourt- lijkt het veel logischer om te zoeken richting de naam Rocourt in plaats van Roucourt, Roechout (Sint-Truiden), Roeckaerts etc .... Zie hier het overzicht.  In 1982/83 was er reeds discussie over de wortels van de familie. Dhr Recourt had door zijn speurwerk de eerste generatie in Halen gevonden en dhr Rikkoert adviseert hem in onderstaande brief om verder te zoeken in de regio Luik.
























We spannen ons in om hun ideeën en werk te voltooien :-)

zaterdag 14 juli 2012

Theodricus de Rocourt uit Hasselt

English summary: in the archive of Liège, a 1583 document was retrieved by FamilyResearch describing Theodricus de Rocourt at the age of three. Since his father Theodricus, shoemaker, died at Hasselt, two guardians were appointed including Lambertus de Rocourt, his oncle. This document strongly suggests that we have finally retrieved the origin of Theodorus (Dierick) van Rockourt, current founding father of the family Recourt and Roucourt. These findings may point towards Rocourt village, a suburb of Liège, as the origin of the family name. To be continued ...

De speurtocht naar de wortels van Vlaamse familie Roucourt en de Nederlandse familie Recourt heeft een nieuwe wending gekregen. In het archief van Luik is door FamilyResearch een akte uit 1583 achterhaald waarin Theodricus de Rocourt uit Hasselt wordt vernoemd. Zie de scan en transcriptie hieronder:



"Dedimus Theodrico etatis trium annorum ant circiter filio q(uondam) Theodrici de Rocourt califex oppidi Hasseltem et Elysabete sup(er)stitis coniugum dum ipse Theod. viveret .... eandem matrem absentam necnon Lambertus de Rocourt patruum & Jacobus de Brabantia sororum dicti quondam Theodrici patris presentes"

Vrije vertaling: Er worden twee voogden aangesteld voor Theodricus de Rocourt (drie jaar oud), zoon van wijlen Theodricus, schoenmaker, en diens echtgenote Elisabeth. Het gaat om Lambertus van Rocourt, de oom van Theodricus, en Jacob van Brabant, zwager van de overleden vader.
Als deze Theodricus de Rocourt, geboren in 1580 te Hasselt(?), dezelfde is als de stamvader Theodorus van Rockourt alias van Roucourt uit Halen, dan zijn we op een heel ander spoor beland dan Sint-Truiden. Het is in ieder geval de enige keer dat er een Theodricus voor 1600 is gevonden, want ondanks alle pogingen is dit in Sint-Truiden etc. nog niet gelukt. De kans is aanzienlijk dat het Hasselt spoor goed is: stamvader Theodorus van Rockourt had een dochter van 12 in 1614 en hij zou dus circa 22 zijn geweest bij haar geboorte.  

Waar leidt het Hasselt spoor mogelijk heen?

Een eerste scan van de Geneanet databank toont rond 1700 Lambert Rocourt en zoon Theodore Martin Rocourt in de genealogie van Francis de Stordeur. Beiden afkomstig uit Luik, waar ook het dorp Rocourt is gelegen. Via de bibliotheek van Geneanet vinden we een zekere Lambert de Rocourt in de eerste helft van vijftiende eeuw te Luik. Rietstap meldt een wapenschild van deze Luikse familie: "D'argent seme de fleurs-de-lys de gueules; au canton du meme". Rode Franse lelies op een zilveren ondergrond met een rood kwartier linksboven.

Zie een fragment van de Genealogie van Harduemont (Jaques de Hemricourt, pag. 85 ref 1)



 
Blijkbaar is ene Henry de Rocourt (ca 1350) de eerste naamdrager, afkomstig uit het huis van Harduemont en verwant aan de familie de Thilice. [Met wortels in het geslacht Dammartin] Zijn zoon Arnoul (Arnold) de Rocourt trouwde volgens de tekst hierboven met een dochter van Louis Braibechon de Mirmorte en zij kregen meerdere kinderen.
De genealogie is uitgewerkt door C. Borman en E. Poncent, met de nodige commentaren in de complementaire noten (ref. 2). Zie hieronder de scans van de relevantie pagina's.
Genealogie Harduemont  voortkomend uit het huis van Warfusée met als nakomelingen Henry en Arnoul (zoon) de Rocour(t).  Arnoul en NN de Braibechon de Milmorte hebben nakomelingen gekregen.
Genealogie van de familie Warfusée, voorkomend uit het Franse huis Donmartin alias Dammartin.




Wordt vervolgd



Referenties
(1) Miroir de Nobles de Hesbaye (1102-1398). Genealogy de Harduemont pp 85. Jacques de Hemricourt (Bruxelles 1673, pdf file: google books)
(2) Oeuvres de Jacques de Hemricourt (C. de Borman & E. Poncent). Tome 2, Codex diplomaticus & Tableaux genéaloqiques. L'Academie Royal de Belgique (Bruxelles, 1925). Harduemont: pp 241 & 428, Warfusée: pp 395 & 482-488. Pdf file: weblink

 


donderdag 19 april 2012

De Drie Dirken uit Halen, Leuven en Diest.

We zijn op zoek naar de aansluiting van de familie van Roucourt en varianten uit Halen en Leuven met de familie van (den) Rouchout en varianten uit Sint-Truiden. In de vorige blog is de genealogie van de belangrijkste Rouchout alias Rochaut tak toegelicht tot het eind van de 16de eeuw. In het begin van de 17de eeuw duikt de naam Roucourt en varianten op in de regio Halen - Leuven.

De onderzochte Rouchaut familie bestaat uit 3 (of vier) zonen van Amelius vanden Rouchaut die in 1596 hun leenrechten bij Guvelingen en Berlingen van de Abdij van Sint-Truiden verkopen en daarna ieder hun weg gaan. Kinderen van Renier (Render), Robert (en Arnold, vernoemd naar de grootvader?) vinden we terug in de doopregisters van het OLV kerk te Sint-Truiden. Renier en zijn nakomelingen, inclusief echtgenotes worden genoemd in de archieven van Sint-Truiden als vertegenwoordigers van diverse Gildes en als vroedvrouwen. Zoon Amelis van Rochout is echter niet gevonden. Eventuele sporen van stamvader Dirk van Roucourt (zoon van Amelis van Rochout?) zijn ook nog niet aangetroffen in de archieven van Sint-Truiden.


Dirk (1) van Rockourt alias Roucourt uit Halen (ref. 1)

Vanaf 1610 tot 1637 wordt stamvader Theodorius (Dierick, Dirk 1) van Roucourt alias Rookou, Rockourt  beschreven in de archieven van de stad Halen, circa 15 km ten Noorden van Sint-Truiden. Hij is getrouwd geweest met Anna Stas (van Herk-de-Stad?) en Maria Claes en krijgt in het totaal 9 kinderen, waarvan er minimaal 6 op jonge leeftijd overlijden. Hij wordt in 1633 concierge van het college van Halen en is nog een aantal keer vernoemd in de Schepenbanken. In 1637 wordt zijn taak als belastingontvanger t.b.v. verbeteringen aan de dijken van de Demer hem fataal. Hij wordt doodgeschoten door de soldaten van de Prins van Oranje. Los van het feit dat hij blijkbaar net als zijn mogelijke Rouchout voorvaderen een (bescheiden) bestuurlijke functie bekleedde, zijn er tot nu geen heldere verbanden van hem met Sint-Truiden gevonden. Dit komt mogelijk omdat een belangrijk deel van het archief van Halen in de eerste wereldoorlog verloren is gegaan.


Dirk (2) van Rochaut alias Roucourt uit Leuven

De belangrijkste link van de familie Roucourt met de eventuele voorvaderen uit Sint-Truiden, blijkt uit een doopakte van Johannes dd. 7 februari 1636 (St. Jacobskerk te Leuven), zoon van Theodorius (2) van Rochaut en Joanna Verwijst. Johannes staat nu bekend als 17de-eeuws Belgisch Theoloog.












Junius 1636
7 Eodem die baptiszatus est Joes filius Theodorici
van Rochaut et Joanna Verwijst coniugum
suscep(t) Henricus Hauwers et Mechteldis Isaacx

 
Theodorus (2) en Joanna zijn in februari 1635 getrouwd te Leuven (parochie St. Jacobskerk).
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 


feb. 1635 contraxerunt sponsalia
sine et dispensatione mediante
.--- Theodoris van Roucoer
et Joanna Verwijst coram testibus
Carolo Zegers et Leonardo Bacx


Opvallend is dat Dirk (2) zeer verschillende varianten van de familienaam gebruikt: "van Roucoer"  in 1635 en "van Rochaut" in 1636.  De laatste vorm komt met name voor eind 16de eeuw bij de familie "van(den) Rouchout" uit Sint-Truiden. In latere jaren gebruikten Dirk (2) en zijn zoon Johannes de familienaam "Roucourt".


Dirk (3) Roucourt, brouwer te Diest

Maar, hoe weten we dat Dirk (2) inderdaad een zoon is van stamvader Dirk (1)  van Roucourt uit Halen? Naast de overeenkomst in de voornamen, zijn er minimaal twee documenten die de verwantschap bevestigen.


(ref 2) Verkoop van een erfelijke rente van 12 gulden en 10 stuivers van een kapitaal van 200 gulden aan Jan Glaumans door Maria Roucourt, dochter van Tillemans en Jenne Glaude. De rente is verkregen door een erfenis van haar oom Dierick (2) Roucourt uit Leuven.









































(ref 3) Vernieuwing van een contract gedateerd 16 juni 1698, betreffende de verkoop van erfrente. Sr. Diriek (3) Roucourt, brouwer te Diest verkoopt erfrente met procuratie van zijn vrouw Anna Vrancken aan Mr. Laurent Henrion ten behoeve van zijn zuster juffrouw Maria Henrion, begijntje (zie ook ref 8). De erfrente is hem toegevallen uit de erfenis van zijn oom Dierick (2) Roucourt volgens een akte van 24 juli 1684 bij notaris Henrion (fragment hieronder).










































Er is mogelijk een tweede directe link naar de familie te Sint-Truiden via Dirk (3) Roucourt, brouwer te Diest. Georgius Otten was lid van het brouwersgilde te Sint-Truiden en werd in 1676 verkozen tot meester. Hij is rond 1663 getrouwd met Catharina Roeckauts alias Roeckaerts en het echtpaar krijgt in de periode 1665 tot 1684, acht kinderen (ref.6). Bij een aantal kinderen zijn de doopgetuigen interessant:

(2) Joannes °13-7-1666, doopheffers Willem Gierinx en Catharine Stasseyns
(4) Petrus °4-2-1671, doopheffers Petrus Otten en Anna Stassen   
(5) Georgius °5-11-1674, doopheffers Arnoldus Vrancken en Elisabeth N.

De eerste vrouw van Dirk (1) van Roucourt heette Anna Stas. De vrouw van Dirk (3) Roucourt was Anna Vrancken.

(1) Odilia, °11-1-1665, doopheffers Franciscus Roockhauts en Maria Weijnants.
(3) Andilla °15-9-1668, doopheffers Walteris Otten en Maria Roeckaerts.
(6) Franciscus °29-3-1678, doopheffers Franciscus Roeckaerts en Maria Magdelena Dirix.

In de inventarisatie van het doopregister Sint-Truiden vinden we een aantal kinderen van Jan (Johannes) van Rouchaut, getrouwd met Elisabeth van Mielen (ca 1632) en Johanna van Mielen (ca 1642), waarvan de voornamen en de periode corresponderen met bovengenoemende doopheffers en de vrouw van Georgius Otten (ref. 7). Een overzicht:

°12 juli 1632, Catharina van Rouchaut
°1 april 1635, Catharina van Rouchaut
°5 juni 1637, Elisabeth van Rouchaut
°8 april 1640, Franciscus van Rouchaut
°10 juli 1642, Catharina van Rouchaut
°9 juli 1649, Jan (Johannes) van Rouchaut
°18 juli 1650, Maria van Rouchaut

Het zou dus kunnen dat dit gezin redelijk verwant is met de familie in Halen en Diest. De vader van Jan/ Johannes van Rouchaut zou bijvoorbeeld een broer kunnen zijn van Dirk (1) uit Halen. Bij een volgend bezoek aan het RA Hasselt de doopgetuigen controleren.


Huis te Ottenburg en in de Donckerstraat te Leuven.

Bovengenoemde erfrente betreft goederen te Ottenborgh die zijn verkocht op 22 februari 1680 (ref 4). Een samenvatting van de akte. "Verkoop van goederen te Ottenborgh door Didrick (2) Roukourt, ingezetene en burger van Leuven aan Hendrick Thomas, toebehoort hebbende aan Niclaes Nijs en Cattlyn vanden Berghe, zijn vrouw. Tegen een rente van 32 gulden en 10 stuivers per jaar. Materiaal voor het herstellen van het huis werd aangevoerd". Het betreft waarschijnlijk een huis of hoeve te Ottenburg, circa 20 km ten zuiden van Leuven (Google maps). Handtekeningen van Diriec Roucourt, H. Thomas en Notaris L. Henrion (zie hieronder).















Een verdere bevestiging van de familieverbanden verkrijgen we uit een notariele akte kort na het overlijden van Dirk (2) Roucourt te Leuven (ref 5). Een korte samenvatting: "Verhuur van een huis met hof, achterhuizen en alle toebehoren staande in de Donckerstraat te Leuven, voor een termijn van drie jaar aan de heer Jan Proost. Huur is honderd gulden per jaar. De eerst ondertekende Marie Verwijst (weduwe van de op 7 maart 1684 begraven Dierick Roucourt) behoudt het recht de door haar bewoonde kamers haar levenlang te blijven bewonen".

Aanwezig bij de akte zijn ook: Jan Gesellen, als man en momboor van Anne Roecourt en Marie Roucourt (die ook mee ondertekent, zie ook hierboven haar handtekening als dochter van Tillemans Roucourt en Jenne Glaude).












Helaas ontbreekt nog de erfenisverdeling van Dirk (2) Roucourt, gedateerd op 24 juli 1684. Naar deze akte is in het verleden reeds gezocht en ook recentelijk nog in het RA Leuven. De speurtocht wordt voortgezet, want mogelijk bevat dit testament aanwijzingen richting Sint-Truiden. Wellicht is er ook nog een erfenisverdeling van Tilmannus Roucourt, de jongere zoon van Dirk (1) van Roucourt? Timannus is op 26 mei 1684 overleden, eveneens te Leuven. De boedelscheiding in 1698 van de Nederlandse stamvader Hendrik verwijst helaas enkel naar Leuven en Halen (ref. 9).


Referenties

(1) Dirk (1) van Rockourt alias Roucourt was concierge van het stadhuis van Halen en is getrouwd geweest met Anna Stas en Maria Claes. Hij is op 10 juli 1637 doodgeschoten door soldaten van Oranje uit Maastricht.  Dirk (2) van Rochaut alias Roucourt is de oudste zoon van Dirk 1. Zijn geboortedatum en plaats zijn onbekend, maar hij trouwde in 1635 met Johanna Verwijst te Leuven. Voor zover nagegaan woonde hij zijn hele leven in Leuven en is daar in 1684 overleden.  Dirk (3) Roucourt is de oudste zoon van Tilmannus Roucourt (jongere zoon van Dirk 1, gehuwd met Joanna Glaude) en geboren te Halen in 1659. Dirk (3) was gehuwd met Anna Vrancken en brouwer te Diest.

(2) Notariele akte 17 april 1692. Notaris Laurent Henrion te Leuven (ARA Brussel, mogelijk verplaatst). Vernieuwd voor Schepenen 5 april 1698 (Schepenbank Loven, SAL 8297 folio's 333°-334-334°)

(3) Schepenbank Leuven. SAL 8297 folio's 469,469°,470,470°,471

(4) Notariele akte van notaris L. Henrion te Leuven, gedateerd 22 februari 1680 (ARA Brussel, mogelijk verplaatst).
 
(5) Notariele akte van notaris L. Henrion te Leuven, gedateerd 1 juli 1684 (ARA Brussel, mogelijk verplaatst).

(6) Over de familie Otten uit Sint-Truiden. Piet Severijns. Vlaamse Stam. Jaargang 9 pp. 52 (1973).

(7) RA Hasselt (leeszaal). 10 jarige Tafels Sint-Truiden 143 (3b).


(8) In 1698 koopt Theodorus Roucourt (2) uit Diest samen met zijn vrouw Anna Vrancken voor 350 gulden land aan de Zichemseweg te Cagevinne. De verkopers waren Peeter Stramot en zijn vrouw Herderien van Moock. Notariele akte, 27 juni 1698. notaris Anceau te Diest (ARA Brussel). Vernieuwd voor Meyer en Schepenen van Leuven, 3 Juli 1698. (GA Leuven: SAL 8298 folio 24,24°,25,25°, handtekeningen hieronder).













(9) GA Leuven. Schepenbank SAL 8297 folio's 233-238.



Gerelateerde blogartikelen:

23 maart 2012: De Foeuda van de Abdij Sint-Truiden ontrafeld.
28 januari 2012: Johannes Roucourt, een bijzonder familielid.
17 oktober 2011: Meer over stamvader Dirk van Roucourt (2).
30 augustus 2011: Meer over stamvader Dirk van Roucourt (1).
28 januari 2011: De leenboeken van de Abdij van Sint-Truiden (2).
15 januari 2011: De leenboeken van de Abdij van Sint-Truiden (1).
2 oktober 2010: De brug tussen "Van Rookou" en "Van Rouchout"

***

vrijdag 23 maart 2012

De Foeuda van de Abdij Sint-Truiden ontrafeld.

(Toevoegingen 16 april)

Bij de zoektocht naar de aansluiting van de familie van Roucourt uit Halen, Leuven, Diest met de familie vanden Rouchout (Roechout) uit Sint-Truiden, blijkt de Foeuda van de Abdij van Sint-Truiden een belangrijke sleutel te zijn. Dit werk, geschreven door Abt Maurus van der Heijden in 1707, is een samenvatting van een groot aantal leenregisters en gichten van de Abdij uit de 14de - 18de eeuw. Het werk is voorzien van een mooie handgeschilderde omslag (ref 1).

























De Foeuda beschrijft de overdracht van de leengoederen (landbouwgronden, huizen etc) van generatie op generatie. Tijdens deze gebeurtenissen werd de eed aan de leenheer uitgesproken. Dit noemde men het leenverhef ofwel releveren (reliveren). Lees ook de Genwiki Limburg (ref 2).








































De zeer waarschijnlijke voorouders van stamvader Dirk van Roucourt uit Halen worden meermaals genoemd in de Foeuda van de Abdij van Sint-Truiden. Zij waren leenmannen (en ook vrouwen komen voor) van lenen bij Guvelingen (gehucht bij Sint-Truiden), Berlingen (Ingelingen), Kozen en in de stad Sint-Truiden (St. Jans). De Abt heeft een groot aantal voorgaande leenregisters geinventariseerd en beschreven in zijn werk van 1707. Volgens de archivaris van het RA Hasselt is de Foeuda van notariële kwaliteit en kan als primaire referentie worden beschouwd.

Voor het genealogisch onderzoek naar de familie vanden Rouchout, blijkt de Foeuda een belangrijke bron. Immers de lenen werden van generatie naar generatie overgedragen, dus familieverbanden worden snel duidelijk. Echter, wel met een moeilijkheidsgraad: de teksten zijn in het Middeleeuws Latijn en dat vergt dus puzzelwerk en geduld voordat de betekenis van de teksten is ontrafeld.

Zeer relevant blijkt het leen bij Guvelingen. De beschrijving komt namelijk zeer dichtbij de mogelijk directe voorouders van stamvader Dirk van Roucourt uit Halen. Ter illustratie van het belang van leenboeken wordt daarom de folio Guvelingen (507) meer in detail behandeld.

Foeuda Guvelingen 







































De kop van de folio beschrijft het leen en de tekst van de Abt luidt alsvolgt:

De Uno Bonuaro et 15 Virgatis magnis ex tribus uim dimidio Bonuarijs terra arabilis jacenta in una petia apud Guvelingen prope mansionem de Spernai Wariscapijs intermedij juxta viam tendentem versus Molendinum inter terras Gerardi de Alken et Tilmanni Roecaert et Wilhelmi Barbiton Joris.

vertaling:

"Betreft 1 bunder en 15 grote roeden land behalve 3,5 bunder landbouwgrond liggend aan een deel bij Guvelingen dichtbij het huis van Spernai Wariscapijs aan de weg naar de Molen tussen de landerijen van Gerard van Alken, Tilman Roecaert en Wilhelm Barbiton Joris"

Het leen betreft dus land bij Guvelingen in de nabijheid van het huis van Spernai. Opvallend is dat Tilmanni Roecaert wordt genoemd als één van de buren van dit leen. De naam Tilmanni is zeldzaam en Tilmannus Roucourt (1631-1684) is zoon van stamvader van Dirk van Roucourt. De naam Tilman in onze familie is zeer waarschijnlijk afkomstig van Tilman Stas (Herk-de-Stad), de vader van de eerste vrouw van stamvader Dirk: Anna Stas. Verder wordt er expliciet beschreven dat 3,5 bunder landbouwground van dit leen is uitgesloten. Tenslotte wordt de naam Spernai genoemd. We vinden deze naam ook terug in een historisch werk, waarin de familie Spernay wordt beschreven met bezittingen te Guvelingen (ref 3).


























Na de beschrijving van het Guvelingen leen in de kop van folio 507, volgt een chronologisch overzicht van de respectievelijke leenmannen. Van 1503 tot 1596 wordt de familie vanden Roechout genoemd:


(1) 1503 28 Septembris Robertus Rouchaut maritis Margaretha Vos relevauit EG 205 ED 192

vertaling:

"28-9-1503 Robert Roechout trouwt met Margareta Vos en leenverhef"

Alhoewel dit zinnetje snel is opgeschreven, heeft het woord "relavauit" en varianten daarvan me lang bezig gehouden. Totdat ik realiseerde dat het werkwoord "releveren" slaat op de overdracht van het leen naar een volgende generatie, danwel naar een nieuwe eigenaar. De beschrijving van de Genwiki Limburg heeft daar veel bij geholpen! Het leen Guvelingen is dus door huwelijk met de familie Vos in de familie vanden Roechout gekomen.

(2) 1540 25 Octobris Aert vanden Rouchaut naer ovel sijnder auders relevauit ED 192

OK Abt, een stukje middelnederlands ertussen:

25-10-1540: Aert (Arnold) vanden Roechout leenverhef na het overlijden van zijn ouders. Aert was dus blijkbaar de erfgename zoon van Robert en Margaretha Vos.


(3) 1574 22 Nouembris Rta Arnoldi vanden Rouchaut posui in morniburium Emilium filium suim ED 192.  Dns Joannes vanden Rouchaut canonicus collegiata Ecclesia Beatae Maria Virginis Trudonis post obitum praefati Arnoldi suo es cosaeredum nomine relevauit ED 192 extra folio (v)

vertaling:
 
22-11-1574:  Rechter Arnold vanden Roechout, onder voogdij, opgevolgd door zijn zoon Emilium. Heer Joannes vanden Roechout, Kannunik van de OLV kerk te Sint-Truiden, leenverhef overdracht na het overlijden van zijn kozijn Arnold. (kozijn = achterneef)

Bovenstaande vertaling nog met enig voorbehoud, maar waarschijnlijk was Emilium bij het overlijden van zijn vader nog erg jong en is zijn verwant Joannes tijdelijk leenman geweest. Voor de naam Emilium worden varianten gebruikt zoals Amelis, Amelium, Ameil, Emilie, maar alles wijst erop dat het dezelfde persoon betreft. Rechter Arnold vinden we ook in andere archiefstukken, inclusief zijn Rouchout zegel (vijf ruiten van Hamal met daarboven vier merlettes).

(4) 1596 22 Novembris Wilhelmus Minsen titulo emptionis erga proles Emilij van den Rouchaut de nuevietate 3,5 bonuariorum juuestitur EE 212 en FF 81


vertaling:

22-11-1596 Wilhelmus Minsen koopt de titel tegenover/jegens nakomelingen van Emilij van den Roechout waarvan 3,5 bunder (landbouwgrond) opnieuw rechtmatig vastgelegd.

Dit is de laatste verwijzing van de familie vanden Roechout bij het leen Guvelingen. De vraag is natuurlijk wie de nakomelingen zijn van Emilij van den Roechout? Dat staat er helaas niet bij. De Abt geeft wel bij elke beschrijving één of meerdere referenties en in dit geval EE 212 en FF 81. Met behulp van de inventaris opgesteld door Michel van der Eycken in 1985 (ref 4) konden de originele werken worden achterhaald: Leenboek 1603 en de Gichten 1612. En deze werken blijken ook aanwezig in het RA Hasselt.

Leenboek Abdij van Sint-Truiden (1596)








een eerste transcriptie: 
 
Anno 1596. Novembris 22 . Wilhelmus Minssen emit ptacfa duo bonuaria terre a Rendro, Roberto et Amelis van Rochout filys Amely van Rochout pretio et aditconibus per Bollis in suo protocollis egerissit smiags de ijl prefatit Mynssen Amstiturs et fidelitatis iuramichtuun prijsfitit put moris Puntibus m.Godefrido Jthrio Lornetemlete, M Johannes Putzijns Nicolas Bollis, Roberto van Jouck et alijs Vassallis.

Wat in ieder geval uit de tekst blijkt is dat Willem Minssen, op 22 november 1596, 2 bunder land  (duo bonauria terre) koopt (emit) van Rendro (Render, Renier), Robert en Amelis van Rochout, zonen (filys) van Amely van Rochout.

Dus we hebben geluk en de nakomelingen van Emilij/Amelium vanden Roechout, waarna verwezen wordt in de Foeuda, blijken met naam te worden genoemd in de bron van de Abt. Weer een generatie verder, en ... Renier (Render, Rendro), Robert of Amelis zouden de vader van Dirk van Roucourt uit Halen kunnen zijn geweest.


Gichten Abdij van Sint-Truiden



 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

De transcriptie van deze folio is een hele klus, maar hieronder een gevorderde versie:

1.Allen aen gheene die dese hij sullen sien oft horen leesen
2. sal uyt ---
3. dat voor ons mr Goret van Ittre van beyde die rechte
4. Liebaet stadthelder onser heeres Heer Levins
5. Belt Alet ende prelaet als meesters ende here der stadt
6. Sint Truiden van sijns caesaele Sint Truidens der selve
7. mr Jan Putzeijs , Nicolaus Bollis , Robert van Jueck
8. Jan Peeters ende Henrick van Se(?)r leenmannen ende vassallen
9. des leenen aels naer(vooren) ? Gh --stslijcts gecompareert sijn
10. Render, Robert ende Amelis van den Rouchout alle
11. kijnderen wijlen Amelis van den Rouchout hebben u
12. voorgaende octroije alsoo tsamen als inne ijder ---
13. voor ons stadthelders hant opgedraghen -------
14. allen huns recht tot orbar ende behoeff Wilhelmis Minssen
15. .---- de twee bunder lants leenen ghelegen
16. tot Sperneij velt te Guvelingen ---- die stadt
17. .---- ter ene zijde het clooster Sante Luciedael ter tweede zijde Peeter
18. Menssen en andere twee zijden waer ende duwijder ?? roije hevest
19. gu -- te vor Brat Lijcop naer lantscap ende eene -----
20. .--- peninck ?, tot eene godtspeninck waer aff die opdrager
21. bekenen ivienst ende voltaelt te sijn ende Renser ende Robert

Ook hier lezen we dus de drie zonen van Amelis van den Rouchout die 2 bunder land overdragen aan Willem Minssen.


Aanvulling 16 april 2012: Schepenbank Sint-Truiden 


Tijdens een bezoek op 28 maart j.l. gezocht naar sporen van Dirk van Roucourt in de Schepenbank van Sint-Truiden. Helaas, niets gevonden (ref 5-7).

Wel een akte over de verkoop van een huis en toebehoren voor 50 Brabantse guldens door Renier (Render) Rouchouts op 8 februari 1599 te Sint-Truiden (ref. 5). Dit is zeer waarschijnlijk Render vanden Rouchout die hierboven is genoemd. Hieronder de scan van de folio's, inclusief een eerste transcriptie.




















Voir Renier Rouchauts

Allen den ghenen die dese tegenwoordigge weteren sullen
lesen oft horen lesen Saluijt wij meester Lambregt van
Stapel Regter inden hoff van Stapele die bij liggende
hoff bijnnen deze Stadt St Truiden ende aldues om-
trint, meester Willem Pikaerts, Levark Tsgroots, Robert
van Aunek, ende Jan Pantsarts alle Scepenen der hoogge
tgerecgts der Stadt vanbij ende voir sulks Laten det voir-
ginnende hoffs met operEnten kennisse der waergelijt voern
coudt ende te weten dat op heden dato onder gescreven
voir ons meyer ende Latgen als voer gericgte voirbij
engentlijcken gezamplriket endo egeslaen Antgaen ….…
der ..kue kennende Render Rouchouts presenterende en sekne
versoekiende syne namerders cappe gaen zekere aen huijs
metten appenditien gelegen ten Reye (?) men als der



























voergaede zuegelen ende bruepluen daer dese onse deur
getransfreert zijn bijden seluen antgoen aen Jan van hier
als man ende momboir Elisabetz Perkstert tgerirgt ende
nocg nijer verimet hoff t selnie huijs metten selke recgten
die hij mede sulks besittende was opgedraggen mets vryen
tot ..rboer ende behoeff van Render Rouchouts synen appr..
imter vorbij ende hoff ten dyen eynde bekandt te hebben
ontfanggen vijffticg gulden brabants eens bije helen inden
acanesti desselffue huijs aen sijnen vercooperen gescgoeten
ende vandre alle andere costen van regte welken vol-
gende is Render voirbij te sijnen versueck uit varrigdt-
ggen huijs metten appenditien wettelijck te zijnen ver-
sueck uit tegenwoordiggen huijs metten appenditien wette-
lijk te zijnen versuek uit voiropgedraggen huijs metten ap-
penditien wettelijck te zijnen versuck niue ons hoeffs regt
onlekdt elks anders goet recgt gegicgt ende gegoidt.

Dwelk is bije onssen recgter voirbij in hoiden onsser
latgen gehort ende onssen gedencknisse beu len Per
errouden hebben wij Jan herrowen Scgoultet sijne emre-
forstlijher egenliedens bisscops tot Luydick in zijne stadt
St Truijen, Willem Tayen, Jan Tsgroots, Claes van
Doerntel en de Loyck de Bailge alle Scepenen des hoo-
gge gerigts der stadt voirbij ter beden des meyers
lutgen ende eller partijen onsse propere zegelen desen
weeren aengehanggen aldus gescguer juden jaeren der
saliger geboorten des Leeffs heren Jesu Egristiusz
men screff duijsent vijffhondert en de negenennegentig
den acgden dacg der maent februarij (8 februari 1599).


Tevens vinden we kinderen Renier, Robert, maar ook Arnold van den Rouchaut (vernoemd naar de grootvader?) terug in een overzicht van het doopregister Sint-Truiden (eind 16de - begin 17de eeuw, ref. 8). Echter, eventuele kinderen van Amelis zijn niet vermeld.






















***

Referenties:
 
(1)  RA Hasselt. Foeuda (1707, Abt Mauri van der Heijden). Het register dient als repertorium op de leenboeken van de Abdij van Sint-Truiden en geeft een analyse van alle verheffingen van 1355 - 1763. De verschillende lokaliteiten staan alfabetische gerangschikt. RA Hasselt. Toegang 717, Inventarisnr 674.
 
(2)  Genwiki Limburg : http://genwiki.nl/limburg/index.php?title=Verhef
 
(3)  Notice historique sur l'ancienne paroisse de Guvelingen sous St. Trond (J.Gerard). In: Bulletin de la section litteraire de la Societe des Mélophiles de Hasselt. Volume 1, pp 45-58 (Hasselt, 1864).  
   
(4)  Het archief van de benediktijnerabdij van Sint-Truiden. Deel 1 - Inventaris (Michel van der Eycken). RA Hasselt, toegangsnummer 717 (Brussel, 1985).

(5)  RA Hasselt. Archief van de Schepenbank van Sint-Truiden toegang 2006, inventaris 29 (7 jan 1598 - 24 mei 1608) folio 62(v).

(6) RA Hasselt overigen Schepenbank van Sint-Truiden (toegang 2006) bekeken 28-3-12:

nr.25 (1578-1609), folio 35 vernoeming dns Johannes vanden Rouchout. In het algemeen erg moeilijk te lezen omdat koppen ontbreken tot 1589 (circa folio 140).
nr.26 (1552-1589), folio 63, 120 en 202: Balthazar van Wezeren
nr 27 (1582-1606), folio 104-105: Balthazar van Wezeren
nr 30 (1602-1609): heel slecht te lezen!
nrs. 33, 34 en 35 (1628-1638): weinig info
nr 37 (1640-1641): folio 170: Renier van den Rouchout
nr 42 (1651-1654): folio's 171,234, 286: Renier van den Rouchout

(7) RA Hasselt. Leenboeken Abdij Sint-Truiden (toegang 717): Leen Guvelingen bij Spernaij inv. 653 (f.146), inv. 655 (f.148), inv. 656 (f.146) en inv. 657 (f. 146). Geen vernoeming meer van de familie vanden Rouchout. Gichten van de Abdij Sint-Truiden niet goed bekeken (slecht te lezen): toegang 717, inv. 667, folio 81 t/m inv. 673.

(8) RA Hasselt (leeszaal). 10 jarige Tafels Sint-Truiden 143 (3b).



Oude hoogstam bloesemboomgaard te Guvelingen (bron).

zaterdag 28 januari 2012

Joannes Roucourt, een bijzonder familielid



















In de speurtocht naar de verwantschap tussen de Halense stamvader Dirk (Theodorus) van Ro(u)court en de overige voorouders, zijn we bij een bijzonder familielid terechtgekomen:  Joannes Roucourt, geboren te Leuven in 1636 en op 40-jarige leeftijd overleden te Brussel. Hij was Priester, Plebaan (deken-pastoor) van de Sint-Michiels en Sint Goedele- kathedraal te Brussel en is bekend als 17de eeuws Belgisch Theoloog. Hij was ook professor op de KU-Leuven.

De eerste aanwijzing bleek uit de doopakte van Maria Roucourt, dochter van Johanna Glaude en Tilmanni Roucourt, waar Joannes als doopgetuige wordt vernoemd (1664, ref. 1).









Achter de naam (dominus) J.Roucourt staat vermeld s(acrae) Th: licentiate, oftewel afgestudeerd of gepromoveerd in de Theologie. Hij blijkt op 7 juni 1636 te Leuven gedoopt als zoon van Theodorius (ook Dirick genoemd) en Joanna Verwijst (St. Jacobskerk, scan hieronder), lakenmaker te Leuven. Joannes was dus een kleinzoon van stamvader Dirk van Roucourt uit Halen, een neef van Hendrik Ro(u)court, de Nederlandse Recourt stamvader, en een neef van Dirk Roucourt, brouwer te Diest. (Voor meer details omtrent de familieverbanden, zie referentie 6). Er zijn nog geen broers en zussen van Joannes gevonden, maar wel de verlovingsakte van zijn ouders uit februari 1635, eveneens te Leuven.
 

Doopakte 7 juni 1636 te Leuven van Joannes Roucourt alias "van Rochaut", bekend geworden als Belgisch Theoloog uit de 17de eeuw














Via de digitale bibliotheek van Geneanet zijn uitgebreide beschrijvingen van Joannes Roucourt gevonden (ref 2 en 4) en hierna volgt de pagina uit de Biographie Nationale Tome 20 (1908-1910).








































Joannes Roucourt blijkt een bijzondere man te zijn geweest. Hij heeft aan de Universiteit van Leuven zowel Filosofie (1660) als Theologie (1663) gestudeerd en is vervolgens gepromoveerd. Hij wordt vernoemd als Belgisch Theoloog. Tevens is hij auteur van een aantal boeken, waaronder "Aenleydinge tot de Deught van Penitentie ofte Een oprechte bekeeringe des Sondaers" door J(oannes). R(oucourt). P (riester), gepubliceerd te Leuven in 1673. De titel is een duidelijke weerspiegeling van de inhoud en het werk is volledig te lezen via Google. De Universiteitsbibliotheek Gent toont het volledige Vlaamse oeuvre van Joannes Roucourt, waarvan een aantal werken online te lezen zijn. Wellicht kunnen we nog een origineel exemplaar aan het familie-archief toevoegen...

Er zijn nog meer sporen van hem in de oude literatuur. In de Geschiedenis van Brussel (1845) vinden we een beschrijving van Joannes als Plebaan van de Sint Goedelekathedraal (ref. 3):





















De Franse tekst beschrijft Joannes Roucourt als "vader van de armen" en hij gaf blijkbaar veel van zijn bezittingen weg. Zijn vrijgevigheid was zo groot dat hij regelmatig bij zijn vrienden moest aankloppen om te kunnen voorzien in zijn eigen levensonderhoud. Joannes was sinds 1667 Plebaan van de Sint-Michiels en Sint Goedelekathedraal in Brussel en hij schijnt in de Sint Johanneskapel bij de doopkapel te zijn begraven. In mijn oude Koenen woordenboek (15de druk, 1925) wordt Plebaan alsvolgt omschreven: deken-pastoor eener bisschoppelijke kerk, eener kathedraal, die in naam van den bisschop die kathedraal bestuurt. 


Sint-Michiels en Sint Goedelekathedraal Brussel (P.Brundel, Wikipedia)





















Joannes (Jean) Roucourt heeft zelf ook zijn "approbatie" aan diverse werken gegeven, waaronder een boekje geschreven door G.P. Huyghens (1673, Leuven).





















In augustus 2013 is eveneens zijn begrafenisakte achterhaald in de digitale DTB gegevens van de Sint Goedele parochie. De akte is gedateerd op 28 september 1676, twee dagen na zijn overlijden en er is vermeld dat Rev. Dom. Joannes Roúcoúrt, plebaan van de St. Goedele kathedraal was. Hij is begraven "in de kercke van Ste. Goelen"








Wellicht is zijn graf nog te traceren? Helaas wordt Joannes niet vermeld in de Basilica Sive Monumenta Antiqua, waarin grafinscripties en monumenten in de kathedraal worden beschreven. Er wordt in dit werk wel melding gemaakt van het Mausoleum van D. Ludovico Alexandro Scockart (1708) en zijn echtgenote, dat zich in de Sacramentskapel bevindt (pagina 37).


Referenties

(1) DTB Halen, RA Hasselt. Microfilm nr. 1358868 item 5-10

(2) Analectes pour servir a L'Histoire Ecclésiastique de la Belgique. Publiés par le chanoine Reusens, prof. à la fac. de théol. de l'Univ. cath. de Louvain et le chanoine Victor Barbier. Deuxième série, Tome 11. Première Livraison. pp 92-93 (1898, Leuven).








































(3) Histoire de la Ville de Bruxelles. Tome 3. Alexandre Henne et Alphonse G.F. Wauters. pp 242 (1845, Brussel).

(4) Biographie Nationale. L'Academie Royale des Sciences, des Letters et des Beaux Arts de Belgique. Tome 20 (Rond-Rythovius) Roucourt, Jean par Léonard Willems. pp. 203-204 (1908-1910, Bruxelles).

(5) A dictionary of universal biography of all ages and of all people. Albert Hyamson. pp 559 (1916, Montefiore).

(6) De verwantschap met Dierick (van) Roucourt alias van Rochaut, gehuwd met Joanna Verwijst en vader van Joannes, blijkt uit notariele stukken, waarbij erfrentes worden verkocht:

- ARA Brussel, 17 April 1692, notariele akte notaris Henrion te Leuven en vernieuwd voor meyer en schepenen van Leuven op 5 April 1698 (Stadsarchief Leuven). Verkoop van een erfelijke rente door Maria Roucourt, dochter Tilleman Roecourt en Jenne Glaude, een van de erfgenamen van wijlen Diedrick Roecourt, hare oom.
- Stadarchief Leuven (SAL 8297, folio 469-471). Vernieuwing van een contract van 16 (of 18) Juni 1698 voor notaris Bastaert te Leuven. Sr. Dirick Roucourt, brouwer te Diest verkoopt aan Mr. L. Henrion te Leuven ten behoeve van zijn zuster Maria Henrion een rente op goederen gelegen te Ottenborgh (zoals nader omschreven in een akte van 22 februari 1680) hem toegevallen bij boedelscheiding van Dierick Roucourt zijn oom, met proenratie van zijn huisvrouw Anna Vrancken.

De erfenisverdeling van Dierick (van) Roucourt (oudste zoon van Dirk van Roucourt) gedateerd 24 juli 1684 bij notaris Henrion ondertekent, waarnaar wordt verwezen in bovenstaande stukken, is niet gevonden in de (rijks- en stads)archieven van Leuven. Volgens de archiefvormer van het rijksarchief van Belgie werkte Laurent Henrion van 1666 tot 1720 zowel in Leuven als in Brussel (weblink). Een zoektocht is gestart in de algemene- en rijksarchieven van Brussel.

***

maandag 17 oktober 2011

Meer over stamvader Dirk van Roucourt (2)

Verder speuren naar de afkomst van stamvader Dierick van Roucourt. In augustus is reeds meer info over hem boven water gekomen (Flanders Roots). Zo was hij conchierge van de burgemeester van Halen in 1633 en lijkt er een spoor naar Tienen. Tijdens opzoekingen in het archief van Leuven (september) is er helaas weinig nieuws gevonden in de protocollen van Tiense notarissen over stamvader Dierick. Het is beperkt gebleven tot de getuigenis van Dirieck en Jan van Roucourt in 1650 bij de overdracht van de erfenis van Christianus Naveau.








Deze Dirieck en Jan zijn waarschijnlijk zonen van stamvader Dierick, die in 1637 overleed. Het ziet er dus naar uit dat de verbinding met Tienen van latere datum is, maar zekerheid hebben we nog niet omdat nog niet alle microfilms zijn doorgenomen.

Wel wordt Dierick van Roucourt genoemd in de naem van de Heilige Geest van Cortenaken bij het leenverhef na de dood van Matteijs Coenen in 1631. De Tafel van de Heilige Geest was een vroegmiddeleeuwse instelling voor armenzorg waarvan Mattheijs Coenen blijkbaar leenman was.


















Opden 17 december 1631 voor jo(nke)r Thomas Blijlevens stadt(houde)re , Jasper van Schuteput ende Jan van Geertruij de leenmanen heeft Dirick van Roucourt inden naem van de H: Geest van Cortenaken te leene verheve naer doode Mathijs Coenen de voorschreven hellicht van voorschreven drij boenders lants ende alsoo sesse dagmael gelegen tot Cortenaken op den Ridderdriesch rege(noten) als voor stell(i)g daer op voor sterfman Jan Deckers out XXXIIJ jaeren ende heeft de voorschreven Dierick Roucourt als besetman gedaen hulde , manschap ende eedt van trauwen
tergewijde.


In de regio Kortenaken - circa 5 km ten zuidwesten van Halen - blijken meer naamsverwanten voor te komen (bron leenboek Abdij van Vlierbeek). Het betreft onder andere Hendrick Rouckhaut .....





















Opden 5 februari 1627 voor Jonker Thomas Blijlevens stadthoudere Jonker Dierick de Borgreeff , mr Jan Boijens , Jasper van Schutteput ende Jan Noelants leenmanne heeft Hendrick Rouckhaut vuijt crachte van procuratie hem gegeven bij Jan Peeters gepasseert voor Wouter Claes als not(ari)s opden 3 februari 1627 alhier gesien ende volcomentlijck gebleven opgedraegen met behoorlijcke vertuijdenisse (= met behoorlijke kracht ) huijs ende hoff groot een halff boender gelegen tot Cortenaken opden gaderstock reg(enot)en Sheerenstraete ter I ende Jonker Floris van Merode heere van Duffelle .....

Opvallend is de spelling "Rouckhaut", die veel voorkomt in Sint-Truiden en wijst naar de meer oorspronkelijke familienaam "Roechout" aldaar (vanaf circa 1400).

Het leenboek van de Abdij van Vlierbeek bevat ook documenten over Maria Roukarts, die eerst getrouwd was met Jan Nijs en later met Mattheus Raymaekers (periode 1693 - 1697). Het betreft onder andere vijf sillen lants gelegen tot Cortenaken opde Cauderbergh.












Bovengenoemende Maria komt ook voor in de "Rouckaerts Familie III" zoals beschreven door Michael Roekaerts. Marie Rochaers is op 13-12-1663 gedoopt te Geetbets als dochter van Henri Rochaers en Maria Steegmans. Marie trouwde in 1685 met Joannes Neyns aldaar. Zij hertrouwde in 1692 met Matthieu Raemackers te Kortenaken. Deze "Familie III" start met Jean Rouckerts die circa 1629 trouwde met Anna Coenen en zij kregen 4 kinderen allen gedoopt te Geetbets: Georges (1629), Catherine en Guillaume (1630) en Henri Roeckaerts (1632).

Is er een verband tussen de "Familie III Rouckaerts" uit Geetbets/Kortenaken en mijn stamfamilie "Van Roucourt" die in dezelfde periode in Halen woonde? Welnu, hierbij de aanwijzingen tot nu toe:

- Dierick van Roucourt was besteman na het overlijden van Mathijs Coenen uit Cortenaken in 1631. Jean Rouckerts was gehuwd met Anna Coenen in 1629.
- Dierick van Roucourt kreeg in 1627 te Halen een zoon genaamd "Georgius" met als doopheffer Georgius Loejen. Jean Rouckerts kreeg in 1629 te Geetbets een zoon genaamd "Georges", doopheffer is helaas nog onbekend.
- Geetbets ligt slechts 6 km ten zuiden van Halen.


Loopt het spoor (via Geetbets) naar Sint-Truiden dat circa 10 km ten zuidoosten ligt? Opvallend is dus ook de naamsvariant "Rouckhaut" die heel specfiek gekoppeld lijkt met de familie Roechout uit Sint-Truiden.

Wat we in ieder geval weten is dat Geetbets het in de 16de eeuw zwaar te verduren had tijdens de strijd tussen de Geuzen en de Spanjaarden. In 1578 was het dorp nagenoeg volledig ontvolkt (Wikipedia bron). Grote kans dus dat de familie Roekaerts ergens anders vandaan is gekomen, wellicht van Sint-Truiden?


Rouckaerts versus Roucourt weergeven op een grotere kaart

Groene markers: vanaf circa 1610, stamlijn (van) Roucourt
Blauwe markers: vanaf 1620, families Roeckaerts
Rode markers: vanaf 1350, familie van(den) Rouchout (zelfde wapenschild/leenregister)

dinsdag 30 augustus 2011

Meer over stamvader Dirk van Roucourt (1)

Alhoewel er sterke aanwijzingen zijn dat de Halense familie "van Roucourt" oorspronkelijk uit Sint-Truiden komt, is het harde bewijs nog niet geleverd. Daar is dus nog een taak te vervullen. Ik heb weinig tijd om naar het archief van Hasselt te reizen en vind het lastig om oude Vlaamse manuscripten snel te kunnen doorlezen. Ook is er in de jaren tachtig al heel wat gespeurd door verre verwant Johan Recourt om de link naar Sint-Truiden verder te onderbouwen. Dus .... een professioneel ingeschakeld (Flanders Roots) ter ondersteuning voor het mogelijk oplossen van deze moeilijke witte plek. 


Bekend was:

Stamvader Dierick van Rockourt verkocht in 1623 een stukje land aan Jan Schipmans. Hij is twee keer getrouwd geweest met (i) Anna Stas, die in 1623 te Halen overleed en (ii) huwelijk in 1623 met Maria Claes. In het totaal 9 kinderen gekregen waarvan er 7 jong overleden. Eerste vermelding tijdens de doop van dochter Judith op 15 juni 1610. In 1637 was hij verantwoordelijk  voor de belastingen ter verbetering van de dijken van de Demer (Halensbroek). In dat jaar is hij vermoord door soldaten van Oranje (Frederik Hendrik) uit Maastricht tijdens een nachtelijke plundering van Halen.


Frederik Hendrik van Oranje
 In de nacht van 10 juli 1637 viel het garnizoen dezer sterke (soldaten van de Frederik Hendrik van Oranje, Maastricht) bij verrassing in Halen, plunderde en roofde en wat goed was om nemen en staken verscheidene huizen in brand. Dirk van Roucourt, dat jaar ontvanger van de belastingen, die men sedert enige tijd op het Halen’s broek gesteld had, om de verbeteringen aan de dijken van den Demer te bekostigen, werd door de schelmen doodgeschoten, zijn kas ledig gestolen en zijn huis in assche gelegd. Getrouw het spreekwoord: 't is te laat den put gevuld als het kalf verdronken is, kwamen de kortzichtige Spanjaarden weer af om de stad te bewaren. Citaat uit "Kort overzicht van de Geschiedenis de Stad,  P.J. Maas, 1877, onderwijzer te Halen.


Nieuwe informatie over Dierick van Roucourt


En dan de nieuwe aanvullingen tot nu toe. Ik sluit "snapshots" van de documenten bij.







In 1627 is Dierick van Roucourt getuige bij het transport van een huis in Halen. De transcriptie van het volledige document:

Attestatie

Wij Peter de Bruyn ende Andries Standaerts doude borgemeesteren Frans Loijcx ende jan Machiels
schepenen der stadt van halen certificeren attesteren ende verclaeren gelijck wij sijn certificerende attestterend ende verclaerende mits desen voor die oprechte waerheijt ter ernstigen versueck requisitie ende instantie van Christoffel vanden Vinne leutenant meyer, als dat voor ons gecompareert sijn Dierick van Roucourt end Gillis Raymakers die welcke hebben verclaert gelijck sij verclaeren mits desen present bijede aen geweest te sijn als wanneer Gillis van Binckum Jan Raijmakers ende Willem vanden Vinne henne actie ende gerechtichheijt die sij tsamen hadden aen huijs ende hoff genaempt het hert naest den pellicaen tot Halen aenden merckt hebben overgetransporteert ende gecedeert tot behoeff van Christoffel vanden Vinne ende dat geleden over die drij jaeren ten huijse van Jan Raijmakers tot Velpen int paenhuijs rechts te vooren alleer die contagieuse siechte was gecomen ten huijse Jan Raijmakers voorschreven des toirconden soo verclaeren wij justicien boven genoempt die verclaeringhe wes voorschreven es allsoo voor ons geschiet te sijn hebben onsen gemeijnen der stadt van halen segel hierop spardum doen drucken ende bij onsen secretaris laten ondertekenen den
XXIIII Aprilis anno 1627















Dierick van Roucourt treedt in 1627 op met andere in de naam van Peter de Bruyn de oude , die rentmeester was van Thienen bij overdracht van een huis gelegen binnen de stad van Halen Jan van sint Stevens den jonge ende Peter de bruyn doude. De transcriptie van een deel van het document:

Wij Willem Vlemincx , Cornelis de Bruyn ende Peter de Bruyn den jonge lathen van sijne con: mat. Int quartier van Halen , Willem Vlemincx ende Peter de Bruyn den jonge voorschreven lathen inden hoff van Vlierbeeck tuygen end doen condt dat voor ons en voor Dierick van Roucourt inden naem van Peter de Bruyn doude rentmeester substituyt des rentmeesters van Thienen ....









In 1633 blijkt Dierick van Roucourt concierge van de burgemeester en schepenen van Halen te zijn geweest. De transcriptie:
  
Attestatie
Wij meyer Borgemeester ende Schepens der stadt van halen certificeren attesteren ende verclaren gelijck wij sijn certificerende attesterende ende verclarende mits deses voor die gerechte waerheijt als dat Dierick van Roucourt is der Borgemeester ende schepenen der voorschreven stadtHalen concherge alleenlijck die seve dienende in alle sacken die der voorschreven stadt sijn aengaende ende voor borgemeester schepenen ende raedt der selver stadt moeten gepasseert worden welck voorschreven borgemeester schepens ende raedt hij tot dijns eynde alleenlijck convoceren ende vergaderen soo dickwijls als die occurrerende saecken tselve sijn verheijschende welck voorschreven ampt ende dienste hij ons heeft gedaen bedient ende gecontinueert over die drij jaeren sonder dat hij int minste eenighe anderen dienst doet oft gedaen heeft aenden meyer tgene sijne officie alleen soude moegen aentrekken oft dependeren ende wandt -------- ende reddelijck es in alle rechtverdighe saecken der waerheijt getuygenisse te geven besonder des versocht sijnde soo verclaeren wij justicieren alles tgene was voorschreven is alsoo waerachticg te sijn Des toorconden hebben wij dese bij onsen gesworen secretaris doen schrijven ende laeten onderteekens ende onses gemeijns ampts der stadt van Halen segele hierop spatium doen drucken den XXVII Augusti 1633.











In 1648 worden de erfgenamen van stamhouder Dirk genoemd bij het ontvangen van erfrechten. De transcriptie:

Die Stadt Halen
mr Joris Waijen
VJ Aprilis 1648

Wij Christofel Raets , Peeter de Bruyn den jongen schepenen der stadt van Halen , tuygen ende doen condt dat voor ons ende voorden meyer der hoven van Snt Lambrechts tot Luydick in hennen hoven tot Halen gelegen es gecompareert Peeter de Bruyn d'oude ende Anton Dalen beyden respective Borgemeester der voorschreven Stadt den welcke vuyt cracht ende naer vermogen vande primlogien der selven stadt ontfangen ende daer nae opgedraegen den meyer voorschreven inde handt selver hoffstadt met sijnder app----- daer eertsdij een huys opgestaen heeft , gestaen ende gelegen binnen die selve stadt inde Nederstraet , regenoeten Tsheerenstraete , eerve Jan Smollaerts ten tweedere d'erfgenamen Jan schepmants , Jans soen ter derdere ende de stadt van Halen , -------- ter vierder sijden , vonnislijck met halmen ende monde daer op verthijnende resignerende inden naem toirboir ende tot behoeff van mr Jans Waijen ende sijne naecomelingen ende ------- es den voorschreven Joris ende sijne naecomelingen daer inne gegicht ende gegoedt met allen manieren ende solemiteiten van recht daer toe gerequireert gelovende dopdraegeren is dijer qualiteijt warant warander ende d'erffen voorschreven op des heeren grontchijnsen ende voorts sijnde die voorschreven hoffstadt alnoch belast met ses guldens vijff stuyvers 'tjaers aen die sellesusteren tot Diest den penninck sesthien ende voorts alnoch aen d'erffgenamen Dirick van Rockourt sal betalen der werdde van twee pattacons eens ende dat vo---- die cuer? Werdde somme meer --- conditie dat den selven Joris Waijen alle verloepen van de rente voledich wel sal schuldich ende gehouden sijn afftedoen off in dit ---- als den selven mr die voorschreven sellesusteren tot Diest in accorde ge--- alshoijck sal schuldich sijn van gelijck alle verloopen chijnsen te betaelen soude selve bevonden talen werdde, des toerconde soe hebben wij schepenen voorschreven ont geme ----- van Halen segelen dese letteren aengehangen den VJ aprilis 1648 
Dese gichte es insgelijcx gedaen onder den hoff van ---------coram Cornelis de Bruyn
meyer inde voorschreven hove Christoffel Raets ende Peeter de Bruyn den jonge , laten op datum ut supra





Een naamvariant Roekaerts blijkt in 1666 te Kortessem (ten Zuiden van Hasselt) genoemd te worden. Tonis Roekaerts betaald zijn cijns af.  

Tonis Roekaerts ante Hans Craels Lambrecht Cluckaerts van het woesten hoeftken aen die steijner steech ghelegen ende is reg(enot)en ter eender nae die heerbaen borgm(eest)er Jan van Mansoven nae vrimmertinghen Willem Rijckmans ende Tonis selver nae Diepenbeeck ter vierder seijden
XVIII
II cap: 
III dinst
ende is keurgoet
solvit Tonis Roeckaerts 1666 --------
solvit =afbetaald




  








In het RA Hasselt is ook een document opgespoord uit 1670 waarin Frederick Roeckarts wordt gemeld als een regenoot (naaste buur) van een erve te Oirbeek bij Tienen. Deze Fredrick vinden we ook in het overzicht dat ik in het verleden van Michael Roekaerts heb ontvangen: "1654, Federick Roeckaerts wordt beklaag door de erfgenamen van Andries Bosmans den Putfof te Oirbeek (Tienen). Catharina Bosmans (1641) was gehuwd met Roeckaerts, wonende te Oorbeek" De transcriptie van het document hierboven:

Anno dusent ses hondert ende seventich den eersten dach des maents octobris is voor mij Paulo van
Nuffel notario bij de raedt van Brabant geadmitteeert personelijcken gestaen Anthoen Hesta en Anneke sijne dochter die welcke hebben in huringe genomen gelijck sij nemen midts desen in naeme van den clooster St Marien Rode als Rottem van die eerweerdige vrauwe Joanna Abdisse des godtshuys voors(chreven) drij stucken erfven oft landts t samen ses dachmael waer van een stuck gelegen is op den afsaet( = uitsprong ) groot drij dachmael regenoeten den heer van Rijckel ter eene Frederick Roekaerts ter andere die pastorije van Oirbeke ter derder end Anthoen hesta ter vierder die Heer baen van Thienen int middel daer door gaende item twee dachmael landts gelegen op die rotte regenoeten tclooster van Vlierbeek ter eendre Carle Meijs ter andere die heeren Bogarden ter andre en die erfg(enamen) van Herberghe ter vierder zijden item een dachmael lants gelegen aen tcruijsken regenoeten tclooster van Vlierbeek ter eendre den heere van Rijckel in drij andre zijden ende die heer baen naer Thienen int middel daer door gaende in eenen tooste oft termijne van ses naest komende jaeren waer van deersten sal sijn nu st. Andriesmisse naest komende 1670 ende eijnde 1671 ende soovoorts van jaere tot jaere belovende alle en iedere jaer daer voor te betalen thien halster coren ende vijff halsters terfve thiensche maete goet en leverbaer coren ende tselven is leveren oft doen leveren op sijnen last ende cost op den tijt door ons eerweerdighe mevrau te limiteren tot in den dorpe van Oplinter belovende hij Anthoen te dragen sonder daer voor iet tcorten aen sijn pacht alle ordinarisse ende extraordinarisse soo van dorpe als lants lasten gestelt oft te stellen ende waert saecke eenigen hagelslach onweder oft heijrcracht geviole te comen sal den pachter gehhouden sijn daer van binnen vier daghen naer eerwerdighe vrauwe abdisse die wete oft conde te doen om den schaede te doen visiteren item sal den pachter gehauden sijn die wegen en straeten te maecken ende die graechten oft rioelen te schieten op sijne .-- off ende waert saecken den voorschreven pachter in gebreke bleve n(i)et op te betalen sal die hure geexpireert wesen ende sal tclooster die voorschreven landen aen een ander mogen verhuren sonder teghen seggen van iemander Ende tot verbintenisse der voorschreven conditie is hij Anthoen Hest verobligerende sijnen peroon ende goederen hebbende ende toekoemende alles onder volontaire condemnatie inden raede van Brabant oft elders consenterende in realizatie approbatie ende renovatie desens voor alle hofen ende rechten constituerende tot dijen eijnde omnes et singulos thoonder desen simul et coram quem libet in solidum actum binnen t voorschreven clooster ut supra

Quod attestor P. van Nuffel
not(ari)s bij den raede van
Brab(ant) geadmutteert

Hieronder een geografisch overzicht. Tienen ligt hemelsbreed 20 km ten zuiden van Halen en 15 km ten westen van Sint-Truiden (de basis van de familie Rouckaerts alias Roeckout alias vanden Rouchout alias van Roechout etc).




Zijn er op dit moment nog meer mogelijke sporen naar Tienen of Frederick? Wellicht de volgende:









Bij de doop van Maria Roucourt op 3 april 1664 te Halen (generatie 2, vader Tilmannus Roucourt ) wordt F. Roucourt genoemd, wellicht is dit Frederick Roeckaerts? Een andere "F" is op dit moment onbekend. [toevoeging 2012: het is J.Roucourt en de J staat voor Johannes, zie de blog 28-1-2012]









Bij de doop van Catharina van Roucourt op 24. nov. 1666 (ook generatie 2, vader Tilmannus Roucourt) wordt Catharina van Arnem als doopmeter genoemd. Zij is waarschijnlijk Catharina van Arnhem die toen als burgemeestersvrouw in Tienen woonde. Over deze Catharina kreeg ik in het verleden van Daniel Peeters de volgende info:  Catherine van Arnhem huwt in 1640 met Pierre Germain Hugo, Burgemeester van Tirlemont of Tienen en hun kinderen zijn in Tienen geboren (periode 1650-1655).  Haar vader Laurent II van Arnhem is geboren op 19 juni 1592 in Herck de Stad. De grootvader van Catherine van Arnhem Lauren I, was Mayeur (burgemeester) van Herck de Stad.  De zus van Catherine van Arnhem, Anna Marie van Arnhem, vrouwe van Lantwyck  huwt te Donk bij Herck en is bovendien begraven in de kerk van Halen, X 28 october 1648 Donk, + 2 oktober 1665, een zoon van Anne Marie van Arnhem, geboren te Halen wordt burgemeester te Halen.

Het tijdsbeeld van Tienen in de tweede helft van de 16de eeuw.

Wat ik me altijd meteen afvraag is waarom er een eventuele verhuizing zou hebben plaatsgevonden? Past dat in het tijdsbeeld? Welnu, op de website van de stad Tienen staat een mooi stukje historie, geschreven door Lutgar Vrancken. Willem van Oranje verontrustte in de 16de eeuw de Zuidelijke Nederlanden en zeker ook Tienen.


Willem van Oranje
 "De turbulente gebeurtenissen kenden hun weerslag in Tienen. In 1568 viel Willem van Oranje met een leger opstandelingen de Nederlanden binnen. Deze datum wordt algemeen beschouwd als de aanzet van de Tachtigjarige Oorlog. In oktober van dat jaar rukte hij naar Tienen op. In een eerste poging om de stad te veroveren, werd hij teruggeslagen door de Tienenaars die bijgestaan werden door een Spaans garnizoen. In 1572 slaagde hij er via een list toch in om de stad in te nemen. In december van datzelfde jaar was Tienen echter opnieuw in Spaanse handen. Dit scenario zou zich, zwaar tot ongenoegen van de plaatselijke bevolking, in de loop van de 16de eeuw meermaals herhalen. Meestal ging de inname van de stad immers gepaard met baldadigheden, plundering en brandstichting. Hongersnood ten gevolge van een mislukte graanoogst en epidemieën veroorzaakt door chronische ondervoeding kwamen de ellende nog versterken. Tienen bevond zich op het einde van de eeuw in een diep dal. Troepen van beide kampen lieten de streek totaal ontredderd achter. Vele inwoners emigreerden dan ook naar veiliger oorden. Niet alleen reguliere troepen maar ook losgeslagen muitende legerbenden overrompelden de stad en haar omgeving"

Dus, het zou in het historisch tijdbeeld van Tienen passen dat Dirk van Roucourt tegen het eind van de 16de eeuw zijn heil heeft gezocht in Halen. Als het zo is gelopen zijn de Oranjes een rode draad in de vroege familiegeschiedenis ......We zullen zien hoe één en ander zich verder ontwikkeld.